Nieuwsbrief april 2010

Geschreven door IreneSkS op . Geplaatst in Nieuws

Ervaringen in Kathmandu

In de vorige nieuwsbrief hadden we aangekondigd dat twee bestuursleden op 14 februari naar Kathmandu zouden vertrekken om daar te werken voor Sathiko Sath, het studiefonds voor Nepalese kinderen. Het zijn twee erg volle weken geworden, alsof je in een achtbaan zat. Zoveel mensen ontmoeten, beslissingen nemen, zoveel nieuwe vragen die zich aandienen en gelukkig ook antwoorden vinden, tegen onbekende regels aanlopen. Soms moesten we ’s avonds wel eens diep nadenken om er achter te komen wat we ’s ochtends alweer gedaan hadden. Maar tegelijk was er aldoor het diepe geruststellende gevoel dat dit proces zo organisch verliep.

Veel vragen
Voor we vertrokken, hadden we met het hele Nederlandse bestuur een ingrijpend besluit genomen. Zoals jullie wellicht nog weten, had de directie van de Little Angels’ School (LAS), de school waar ‘onze’ kinderen naartoe zullen gaan, ons een bijzondere financiële constructie aangeboden waarbij we het totale bedrag aan schoolgeld, van klas 1 tot en met 10, zouden betalen. Daar zaten allerlei voordelen aan vast (zie de vorige Nieuwsbrief). Hoe vaker we over deze constructie nadachten, hoe meer bezwaren naar voren kwamen. In Nepal is de politiek-sociale situatie uiteindelijk zo ongewis dat een periode van tien jaar nauwelijks te overzien valt. Niet alleen onze eigen twijfel nam toe, ook het advies van ter zake competente mensen wees in de richting van ‘niet doen’, gewoon de schoolgelden per jaar betalen. Aldus werd besloten.
Zo ontstond echter een nieuwe situatie. Omdat we niet ineens een groot geldbedrag hoefden neer te tellen, was er ruimte om meer kinderen naar school te laten gaan. Uitgaande van onze financiële situatie en met de blik op de toekomst (de kinderen die we nu inschreven, moeten hun school kunnen afmaken op onze kosten) stelden we vast dat alle vijftien kinderen die in november 2009 werden ingeloot, naar de LAS konden. Daar kwamen nog zeven kinderen bij uit de zogenaamde tweede geldstroom, gegenereerd door al bestaande sponsors die zich bij Sathiko Sath hadden aangesloten. Totaal dus tweeëntwintig kinderen!

Er lag nog een andere belangrijke vraag waarover het Nederlandse bestuur een beslissing moest nemen vooraleer we verder konden in Nepal. We zijn er altijd vanuit gegaan dat alleen de hand ophouden geen goede zaak is. Met andere woorden, de ouders van onze kinderen zouden een eigen bijdrage moeten leveren. We hadden bedacht dat zij 20% van de totale schoolkosten op zich konden nemen. Maar toen we eens goed gingen kijken naar de ouders van de ingelote kinderen en naar hun financiële situatie, bleek dit een onhoudbare gedachte. Vooralsnog geen eigen bijdrage. We zouden ter plekke moeten uitzoeken hoe we dan toch de ouders betrokken konden houden. Bovendien wisten we nog niet wat het kostenplaatje van de LAS zou zijn nu we niet ingingen op het eerdere voorstel.

Er doemde nog een probleempje op. Uit reacties van het Nepalese bestuur hadden we begrepen dat sommige ouders waarvan het kind was ingeloot, hun twijfels hadden of het wel zo’n goed plan was om alle kinderen naar de LAS te sturen. De aangedragen argumenten leken nogal futiel (zoals: ‘dan moeten we vroeg opstaan’, terwijl wij weten dat de Nepalezen altijd vroeg opstaan), maar toch zou dit een punt van aandacht moeten zijn. We moesten zeker weten dat én ouders én kind deze school wilden.

Nog een groot struikelblok: welke oplossing was er voor de kinderen die van buiten Kathmandu kwamen? Konden die terecht bij familie, zoals vaak gebeurt, of moesten we iets anders bedenken?

Het vragenlijstje werd aldoor langer. We hadden nu wel een Nepalese zusterstichting met een bestuur bestaande uit vertegenwoordigers van alle etnische groepen waarmee HT Wandelreizen werkt. Maar wat was nu precies hun taak? En waren zij in staat om die eventuele taak ook echt te vervullen? We weten allemaal dat veel van onze Nepalese gidsen en koks en dragers een goed stel hersens hebben. Maar zij zijn niet geschoold in strikte zin. Hoe zou het voor ze zijn om bijvoorbeeld gesprekken met de school aan te gaan over het functioneren van de kinderen? Als je zelf niet naar school bent geweest, is dit moeilijk in te schatten.
Door een gelukkig toeval waren we hier in Nederland in contact gekomen met een dame die acht jaar ontwikkelingswerk had gedaan in Nepal. Zij begreep deze vraag naar de mogelijkheden van de Nepalese board maar al te goed en zij gaf ons een paar namen (met e-mailadressen) van mensen in Kathmandu die in haar ogen competent genoeg waren om ons hierin verder te helpen. Al voor we naar Kathmandu vertrokken, hadden we dan ook al afspraken met deze adviseurs op de agenda staan.

Kortom, de twee bestuursleden vertrokken met een pittig mandaat op zak. Maar naast alle onzekerheden was er vooral het gevoel van één groot avontuur. Alles wat we in het voorafgaande jaar gerealiseerd hadden en bedacht, moest nu echt handen en voeten krijgen. Half april begint in Nepal het nieuwe schooljaar. We moesten de dingen echt op poten krijgen.

En antwoorden
Het is uiteraard niet doenbaar en ook niet wenselijk om alles in detail te gaan vertellen. Maar een aantal zaken is zeker het vermelden waard.

Al op dag één hadden we een afspraak met Basu Dev Neupane. Deze man is zowel econoom als socioloog, wat uiteraard niet automatisch een garantie inhoudt voor zijn functioneren. Hij heeft erg veel ervaring met grote ontwikkelingsprojecten, ook internationaal. Maar de laatste jaren heeft hij zich met name gespecialiseerd in de begeleiding van kleine stichtingen in Nepal zelf. Zij kampen zowat allemaal met dezelfde vraag die wij hebben: hoe kan je niet goed opgeleide mensen in hun waarde laten, maar ze ook de kans bieden uit te groeien tot capabele bestuursleden.
Al heel snel was het voor ons duidelijk. Hier zat niet alleen een man die wist waarover hij het had. Maar hij was ook communicatief bijzonder vaardig, verstond de kunst om te luisteren en wist precies de essentie van een probleem te benoemen. We zijn toen maar afgegaan op onze intuïtie (zonder ons verstand te verliezen, want wat kost zo’n meneer) en hebben hem gevraagd voor ons te werken. Ondertussen is al lang en breed gebleken dat Basu Dev zijn gewicht in goud waard is (zonder dat we met goudstukken over tafel dienen te komen). Veel zaken hadden we over het hoofd gezien of niet geregeld kunnen krijgen zonder zijn inzet en zijn wijsheid.
We zochten ook iemand die ons bij de hand kon nemen om niet te verdwalen in de doolhof van de Nepalese regels en wetten. We vonden die in de persoon van Sharan Shankar Paudel, een gemotiveerde legal advisor. Hij voorziet zowel het Nederlandse als het Nepalese bestuur van adviezen, gevraagd en ongevraagd, zodat we op het goede pad blijven. Daarnaast zorgt hij ervoor dat noodzakelijke vergunningen, registraties, etc. in Kathmandu geregeld worden.

De tweede dag stond vooral in het teken van de ouders van onze kinderen. We hadden een grote vergadering die we de dag tevoren samen met het Nepalees bestuur hadden voorbereid. Basu Dev was daarbij aanwezig, puur als observator.
We kwamen eerst met het goede nieuws dat we de dag daarna naar de LAS zouden gaan om toelating te vragen voor 22 kinderen. Daarna deden we ons plan nog eens uitvoerig uit de doeken. Voor ons weegt de kwaliteit van het onderwijs heel zwaar; om een goede toekomst te garanderen moeten de kinderen echt een goede opleiding krijgen, elk naar gelang zijn/haar kwaliteiten. Daarom hebben we voor één heel goede school gekozen. Dat betekent een beter contact met de school en ook een betere ‘prijs’ met zoveel aangemelde kinderen. We hebben de ouders uitgelegd dat het mogelijk was dat na het toelatingsexamen het besluit viel dat een kind terug moest naar een lager niveau. De ouders konden dit begrijpen, wat niet wegnam dat het voor sommige kinderen wellicht moeilijk zou zijn. Er is verder gesproken over de inhoud van het studiepakket (onder voorbehoud, aangezien er nog opnieuw met de school gesproken moest worden) en over het feit dat we vanuit Nederland het geld rechtstreeks aan de school overmaken. We hebben ook duidelijk aangegeven dat het in onze ogen het allerbeste is wanneer de kinderen gewoon thuis blijven wonen of bij familie in Kathmandu. Voor de kinderen voor wie dat onmogelijk was (en dat waren er meer dan wij aanvankelijk dachten), zouden we een oplossing zoeken. In elk geval wordt het geen boarding school. Aan alle kanten is ons dat afgeraden. Kinderen vervreemden te veel van hun omgeving wanneer zo zoveel jaren intern zijn.
Voor ons was het uitermate belangrijk dat de ouders echt met hun vragen en hun op- en aanmerkingen kwamen, nu, en dat ze niet later achter onze rug gingen mopperen.
Het was een spannende maar ook erg goede bijeenkomst. Wel zien we iedere keer weer de neiging dat de ouders nog meer gaan vragen dan wij in de aanbieding hebben. Het is een begrijpelijke reactie van mensen die vaak lang onder de armoedegrens hebben geleefd en nog steeds op dat randje balanceren. Maar het betekent ook dat we telkens weer onze grenzen moeten aangeven. Daarnaast blijven de ouders verantwoordelijk voor hun kind. De discussie hierover leidde ten slotte tot het besluit dat de ouders voor ieder aangemeld kind 1.000 Nrps (ca. 10,- Euro) per jaar bijdragen. Deze bijdrage zal gebruikt worden om de kinderen ook buiten de school leuke activiteiten te bieden. Iedereen kon zich daarin vinden.
De vergadering verliep in een bijna feestelijke sfeer onder een stralende warme zon.
Toen aan de ouders nog eens expliciet gevraagd werd of dit was wat ze wilden voor hun kinderen, barstten ze uit in applaus.

De dag erop hadden we opnieuw overleg met de directie van de Little Angels’ School. Hoe zouden ze reageren op ons besluit om per jaar te betalen? En wat zou de reactie zijn op de lange lijst lijst met kinderen? We waren toch een beetje bezorgd.
Maar toen de principal de lijst met namen overliep (Shrestha, Tamang, Sherpa, Gurung, Magar), raakte hij werkelijk geëmotioneerd. Zelf is hij een Shrestha, kwam als kind uit de bergen en liep tegen zijn beperkte ‘bagage’ aan toen hij naar school wilde in Kathmandu. Hij zei: “this is really what we want, good education for poor children. We are very grateful you are doing this.” Alle kinderen waren welkom, ook een lichamelijk gehandicapt jongetje (kennelijk een primeur voor Nepal, want gehandicapte kinderen kunnen er niet naar een normale school; zij zijn aangewezen op aparte schooltjes). Deze reactie liet ook ons niet onberoerd.
De onderhandelingen verliepen dan ook in een prima sfeer. We kwamen uiteindelijk uit op een gereduceerd bedrag van 500,- Euro per kind voor dit jaar. Daarin zijn begrepen: schoolgeld, boeken, schriften en pennen, uniform met inbegrip van schoenen, sportkleding, rugzak, vervoer van en naar school, een warme lunch. Daarnaast werd één op de tien kinderen vrijgesteld van het lesgeld. Alles bij elkaar betekent dit een reductie van 27,5%. Het blijft een groot bedrag voor Nepalese begrippen. Maar in verhouding tot andere scholen zitten we nu in de middenmoot qua prijs, maar aan de top wat betreft kwaliteit. Die kwaliteit blijft voor ons voorop staan. Het is de enige weg om deze kinderen écht iets te bieden. In de daaropvolgende dagen zijn we diverse keren geconfronteerd geweest met de gevolgen van matig tot zeer matig onderwijs: kinderen willen verder, maar lopen onherroepelijk vast.
Tot slot werd afgesproken dat de kinderen als een aparte groep de toelatingstest konden
doen op vrijdag 26 februari.
We konden ook regelen dat, terwijl de kinderen de test maakten, de ouders een rondleiding door de school zouden krijgen. De resultaten van de test zouden dezelfde dag bekend zijn.

Een belangrijke vraag stond nu nog open: de huisvesting voor kinderen wier ouders niet in Kathmandu wonen. Aangezien we geen voorstander waren van een kostschool, bedachten we een alternatief. We zouden een huis huren dicht bij de school waar de kinderen in een huiselijke situatie konden wonen. Het ging nu om acht kinderen die daar vast zouden verblijven. Daarnaast kon het ook een oplossing bieden voor kinderen die normaal bij hun vader wonen in de periodes dat hij op trek was. We moesten dan ook op zoek naar ‘zorgouders’. Maar hoe konden we dit plan voor elkaar krijgen binnen de anderhalve week die ons nog restte?
Al snel bleek dat we uitgingen van de Nederlandse situatie. Want binnen een paar dagen vonden we een geschikt huis. Toen we wilden onderhandelen met de eigenaar, bleek hij het huis toch niet te willen verhuren. De schrik sloeg ons om het hart. Geen paniek, zo werd ons aangeraden. En inderdaad, er werd al snel een nieuw huis gevonden dat nog geschikter was en ook een beetje op de groei berekend. Het is spiksplinternieuw, vrijstaand met ommuurde tuin (belangrijk met van die vrijheidslievende bergkindertjes), heeft een ruime woonkamer, een goed ingerichte keuken, op iedere verdieping een doucheruimte, veel licht, een dakterras en bovendien ook nog een ruimte voor het kantoor van Sathiko Sath (voor een organisatie als de onze is dat een wettelijke eis). Dat de prijs dan ook nog eens binnen onze begroting viel, mocht een wonder heten. Daarnaast hadden de eigenaars contacten met de school. Er werden meteen spijkers met koppen geslagen. De vice principal van de school kwam eraan te pas en er werd meteen een proefcontract te voorschijn gehaald. Dat werd diezelfde dag nog bekeken en bijgesteld door onze legal advisor.
De zorgouders waren een noodzakelijk onderdeel van dit plan. Maar ook hier kwam de oplossing als vanzelf. Het idee kwam van Charles Halberstadt, directeur van HT Wandelreizen. Zijn gezin had ooit een Nepalese au-pair gehad, Reba. Die was ondertussen getrouwd met een onderwijzer, Radna Kaji. En samen hadden zij een dochtertje dat ook naar de LAS zou gaan. Was dit niets voor hen? Dat was het zeker. Ze moesten wel wat zaken regelen, maar onmiddellijk zaten ze vol plannen en ideeën over hoe ze het allemaal zouden organiseren in dit huis. Op basis van de gesprekken en ontmoetingen die we met hen hadden, zien we de toekomst van het Sathiko Sath-huis met vertrouwen tegemoet. Ongelooflijk dat dit allemaal zo liep.

De dag van de toelating was er een om nooit te vergeten. De lijst van 22 kinderen was uiteindelijk uitgegroeid tot 28(!). Want ondertussen hadden al bestaande sponsors vanuit Nederland laten weten zich aan te sluiten bij ons project.
Al in de vroege ochtend druppelden ouders en kinderen binnen bij hotel Amar. Rond acht uur liepen ze met zijn allen (ca. 70 personen) door het smalle straatje naar de Kalimati waar twee bussen klaar stonden om ze naar de school te brengen, lekker kwebbelend een nieuwe toekomst tegemoet, onwetend dat deze dag wel eens beslissend kon zijn voor de rest van hun leven. Een aantal kinderen was nog nooit in Kathmandu geweest, had nog nooit in een bus door zo’n drukke stad gehobbeld. Hier en daar kwamen er spuugzakjes aan te pas. Je zit daar maar in zo’n schuddend en wiegend ding. Daar was ook die moeder met haar zoon. Zij was helemaal op zijn Sherpa’s uitgedost, met een prachtige hoed van een brokaatachtige stof met een rand van bont. Zij sprak geen Nepalees, alleen maar Sherpataal. En haar zoon, de negende van twaalf kinderen en de echte leeftijd onbekend, zat er zwijgend naast.
Terwijl de kinderen hun test deden, werden de ouders rondgeleid door de school en langs de sportvelden en de hobbyruimten. Daarna werden we met zijn allen ontvangen in de wat statige conference hall. Daar werden de ouders toegesproken door de principal. Die deed dat zo hartelijk en zo vol enthousiasme en overtuigingskracht. Het was prachtig om te zien hoe geconcentreerd de ouders zaten te luisteren.
Na terugkeer in het hotel was er een feestelijke lunch in de tuin, met dal bat en curry en rijst. De kinderen stoeiden met elkaar en hadden zichtbaar lol. En natuurlijk moest er een groepsfoto worden gemaakt.
Na 15.00 u kwamen de uitslagen van de test. Alle kinderen met hun ouders kregen die persoonlijk te horen. Soms moest er wat teleurstelling worden weggeslikt. Maar dat kwam al snel weer goed.

Iedere lezer zal begrijpen dat tussen deze hoogtepunten door er tientallen telefoontjes heen en weer gingen, er herhaaldelijk overleg was met het Nepalese bestuur, we onze ideeën telkens weer toetsten bij competente mensen, we alle ontwikkelingen voorlegden aan de andere bestuursleden.
Toen we ten slotte op maandagochtend 1 maart, een paar uur voor ons vertrek, zowel het contract met de school tekenden als met de eigenaar van ons huis, voelden we ons ongelooflijk rijk. Nu zou het daadwerkelijk allemaal beginnen…

Ondertussen
We zijn nu ruim een maand verder.
Er is uiteraard uitgebreid verslag gedaan binnen het bestuur en besluiten zijn formeel bekrachtigd. Nieuwe lijnen werden uitgezet.
Vier weken later was de voorzitter weer in Kathmandu, vooral werkzaam voor HT, maar tussendoor was er ook tijd voor Sathiko Sath. Zowat elke dag werd er telefonisch bijgepraat en overlegd.
Heel wat medewerkers van HT hebben de handen in elkaar geslagen en hebben met man en macht gewerkt om binnen een zeer korte tijd het huis in orde te maken voor de kinderen. Het is helemaal klaar.
Op 9 april konden de kinderen hun boeken ophalen en werden hun schooluniformen aangemeten. Op 14 april is het Nieuwjaar in Nepal. Volgens de Nepalese kalender begint dan het jaar 2067. Daarna begint het nieuwe schooljaar. Op 19 april gaan de kinderen voor het eerst naar de Little Angels’ School.
Gedurende het verblijf van onze voorzitter heeft de Nepalese board samen met Basu Dev vergaderd. Her en der werden puntjes op de i gezet. Het Nepalese bestuur neemt duidelijk verantwoordelijkheid en is enthousiast. De mannen leren waanzinnig veel bij.
Onze legal advisor Sharan heeft ons behoed voor illegale acties! We willen uiteraard geen misstappen zetten. Ook in juridisch opzicht moet alles kloppen.
Er zijn goede afspraken gemaakt om de boekhouding zo transparant mogelijk te maken zodat geen Rupee verkeerd besteed wordt.

Met zijn allen zijn we er ons ten zeerste van bewust dat dit eerste schooljaar erg belangrijk is voor het welslagen van dit hele project in de toekomst. We blijven de zaken nauwgezet volgen. In juni is weer een van de bestuursleden in Kathmandu. Dat is een goed moment om te bekijken hoe die eerste maanden op school verlopen zijn. Het zal ongetwijfeld ook erg leuk zijn om te overnachten in het Sathiko Sath-huis en daar van dichtbij het dagelijks leven mee te maken.

Nog heel veel kinderen van gidsen, koks en dragers wachten op zo’n kans. Meer weten? Ook enthousiast geraakt? Zie onze website www.sathikosath.nl of mail ons info@sathikosath.nl.

Oproep

Wie o wie loopt de Nijmeegse Vierdaagse (20 – 23 juli 2010) en wil zich daarvoor laten sponsoren ten voordele van Sathiko Sath? Daarbij hoort een T-shirt of poloshirt met opdruk van de ‘vier dieren’ van Sathiko Sath. Of wie maakt familie en/of vrienden enthousiast hiervoor?
Aanmelden: info@sathikosath.nl. Vermeld daarbij je kledingmaat.

Mooi steuntje

Een oud-reisleider van HT Wandelreizen, Conny Snoek, maakt prachtige illustraties en objecten. Zij biedt een set van 8 erg mooie en originele kaarten aan voor 10,- Euro, inclusief de verzendkosten. De opbrengst gaat naar Sathiko Sath.
Zie www.snoek4kids.nl, klik op het eerste plaatje en vervolgens op objecten, kijk, geniet en bestel!